Type plan: bestemmingsplan
Naam van het plan: Buitengebied: Vijcie 14
Status: vastgesteld
Plan identificatie: NL.IMRO.0870.02BP1087BgVijcie14-VA01

Artikel 4 Algemene aanduidingsregels

 
4.1 Algemeen
 
Ter plaatse van de aanduidingen als bedoeld in 4.2 en 4.3 zijn de gronden mede bestemd tot deze landschapstypen.
 
4.2 Landschapstypen
 
4.2.1 Landschapstypen en kernkwaliteiten
  1. ter plaatse van de aanduiding 'rivierenlandschap-overslaggronden' zijn de gronden mede bestemd voor de instandhouding, herstel en ontwikkeling van het rivierenlandschap, subtype overslaggronden, met de volgende kernkwaliteiten: groen en besloten karakter, hoge ligging en doorschemerend (micro)reliëf;
  2. ter plaatse van de aanduiding 'rivierenlandschap-stroomgordels' zijn de gronden mede bestemd voor de instandhouding, herstel en ontwikkeling van het rivierenlandschap, subtype stroomgordels, met de volgende kernkwaliteiten: samenhangende en karakteristieke kleinschaligheid, ruimtelijk afwisselend beeld met veelheid aan ruimtelijke patronen (zoals bebouwing, akkers, grasland, fruitboomgaarden, etc.) en doorschemerend (micro)reliëf;
  3. ter plaatse van de aanduiding 'rivierenlandschap-uiterwaarden' zijn de gronden mede bestemd voor de instandhouding, herstel en ontwikkeling van het rivierenlandschap, subtype uiterwaarden, met de volgende kernkwaliteiten: de Merwededijk, de zomerdijk van het Gors, het Oudendijksche gat, (micro)reliëfrijke buitendijkse gronden bestaande uit rivierduinen, oeverwallen en kribben met afwisselend beeld van broekbos, open water en ongeperceleerd grasland.
4.2.2 Regels
Voor de in lid 4.2.1 genoemde gronden gelden specifieke regels. Deze specifieke regels zijn opgenomen in de bestemmingen waarbinnen deze gelden.
 
4.3 Erfgoed Nieuwe Hollandse Waterlinie
 
4.3.1 Erfgoed en kernkwaliteiten
Ter plaatse van de aanduiding 'waarde cultuurhistorie - erfgoed NHW', zijn de gronden mede bestemd voor de instandhouding, herstel en ontwikkeling van het erfgoed van uitzonderlijke universele waarde de Nieuwe Hollandse Waterlinie, met de volgende kernkwaliteiten: de samenhang van forten, dijken, kaden, en inundatiekommen, het groene en overwegend rustige karakter en de openheid, met dien verstande dat de kernkwaliteit openheid niet van toepassing is ter plaatse van de aanduiding 'rivierenlandschapoverslaggronden'.
 
4.3.2 Regels
Voor de in lid 4.3.1 genoemde gronden gelden specifieke regels. Deze specifieke regels zijn opgenomen in de bestemmingen waarbinnen deze gelden.